Het stille leven toont een eetkamertafel met slechts één stoel. Op tafel staan een halflege fles melk, een paar druiven en een bord met een eenvoudig stuk brood. Opvallend genoeg staat het eten niet bij de stoel, maar op afstand. Alsof de plek aan tafel wel bestaat, maar niemand daadwerkelijk is aangeschoven.
Het werk gaat over eenzaamheid en het verwerken van verlies, zonder vast te leggen wat of wie er precies verloren is. De soberheid van de maaltijd en de lege ruimte rond de stoel versterken het gevoel dat iets ontbreekt. Tegelijkertijd is het beeld niet uitsluitend somber. Het witte tafelkleed vormt bijna een scheidslijn in het werk en brengt licht en zachtheid in de ruimte. Daarmee ontstaat ook het vooruitzicht dat verlies en eenzaamheid niet noodzakelijk een eindpunt zijn.
